Samenvatting

Marijke is een gescheiden vrouw met een opgroeiende zoon. Een jaar geleden is haar vader plotseling overleden. Marijke is enig kind en voelde zich na het overlijden van haar vader sterk verantwoordelijk voor haar moeder die van oudsher moeilijk alleen kon zijn. Vrijwel direct na de crematie kwam moeder bij haar wonen. Inmiddels heeft Marijke heimelijk spijt van haar beslissing. Ze merkt nu dat haar eigen leefruimte wordt beperkt en dat moeder de opvoedingsstijl van Marijke doorkruist. Marijke wordt heen en weer geslingerd tussen plicht- en schuldgevoelens en maakt zich veel zorgen voor de toekomst. Marijke kiest voor werken aan de opvoedingsconflicten maar ontkomt niet aan de vraag of zij aan haar moeder grenzen mag stellen. Na een grondige voorbereiding met de maatschappelijk werker durft zij het gesprek aan. Het gaat niet van een leien dakje maar de opening is gemaakt. Zij kan het nu verder zelf aan. In totaal zijn er zes contacten geweest; dit is na de exploratie vastgesteld; er is gewerkt met twee taxatietaken, een hoofdtaak en vier vervolgtaken. Het contact is afgesloten.
Opvallend in deze casus is dat in een door cliënte als crisis ervaren situatie met een betrekkelijk gering aantal interventies een wezenlijke verandering tot stand is gebracht, een verandering in die zin dat cliënte nu ervaart dat zij weer greep op haar leven heeft.
De casus rekent af met het misverstand dat TGH alleen probleemgericht zou zijn en dat de persoon van de cliënt buiten beschouwing blijft. Tevens wordt duidelijk dat met taken gevoelsmatig beladen zaken kunnen worden aangepakt en dat dit niet beperkt blijft tot materiele problematiek.

Moeder, overlijden vader, weduwe, oma opgenomen in gezin, plichtgevoelens, schuldgevoelens, huisvesting, irritaties, beperking leefwereld, rolverwarring, relatieproblemen, opvoedingsconflicten, relatie ouder-kind, hindernissen, taakgerichte hulpverlening