Jeugdzorgprofessionals moeten hun visie op hulp aan gezinnen omdraaien. Zij moeten meer kijken haar het herstel van het gewone leven dan naar de probleemdefinities van gezinnen. Dat vindt jeugdzorgdeskundige Jo Hermanns. Hij reageert in Zorg+Welzijn op de nieuwe visie op de jeugdzorg die minister Rouvoet vrijdag presenteerde.

Bureau jeugdzorg gaat op in het centrum voor jeugd en gezin voor de vrijwillige zorg aan kinderen. Een goede zaak, vindt Jo Hermanns, hoogleraar opvoedkunde. ‘Het opent nieuwe perspectieven, al moet het nog wel inhoudelijk ingevuld worden. Dat vraagt sterke sturing van de rijksoverheid. Die moet concreet maken welke competenties professionals moeten hebben.’
Volgens Hermanns zijn de opvoedperikelen van multiprobleemgezinnen vooral geworteld in hun leefomstandigheden: ‘Het heeft te maken met zaken als inkomen, schulden, wonen, werken, veiligheid. Verwijzen van die gezinnen naar gespecialiseerde jeugdzorg heeft weinig zin. Mijn ervaring is dat de helft van die problemen niet met opvoeden en opgroeien te maken heeft, maar met de leefomstandigheden. Die kan een gemeentelijke overheid veel beter oplossen in één gezin, één plan dan de jeugdzorg, die zich vooral op het kind richt.’
Niet alleen instellingen moeten een draai maken, ook professionals in de jeugdzorg moeten volgens Jo Hermanns ‘een flinke draai maken in de richting van “het herstel van het gewone leven”. In plaats van oplossingen zoeken in probleemdefiniëringen zoals professionals die hanteren. De draaiing van de werkvisie van professionals heeft meer kans in het CJG, denkt  Hermanns. ‘Daar staan hulpverleners dichterbij het leven van de gezinnen.’
Bron:  Zorg+Welzijn: http://www.zorgwelzijn.nl/web/Actueel/Nieuws/Jo-Hermanns-Professional-geeft-betere-hulp-in-centrum-jeugd-en-gezin.htm

Was het  werken aan het ‘herstel van het gewone leven’ niet altijd al de bedoeling van maatschappelijk werkers of sociaalagogisch werkers?




Een ogenblik geduld a.u.b.